Het onderzoek:  zaterdag 10 oktober 1992:   Het was al jaren bekend waar het toestel zich in de nacht van 24 op 25 juni 1943 in de  grond had geboord. Het vooronderzoek toonde reeds aan dat er een grote hoeveelheid  materiaal in de grond zou zitten. Na enkele malen uitstel kan op zaterdag 10 oktober 1992  het opgraven van de brokstukken aanvangen. Met een graafmachine wordt de teeltlaag verwijderd. Deze vruchtbare laag grond wordt apart gehouden van de andere grond zodat deze grond na de berging het land zou afwerken. Op een diepte van nog geen anderhalve meter wordt de eerste motor aangetroffen. Binnen een paar minuten ligt de Daimler Benz DB-605 motor op de kant van de kuil. Nagenoeg kompleet en in zeer goede staat. VLIEGTUIG Crashdatum 25 juni 1943 Onderzoeksdatum 10 oktober 1992 Radiocode G9 + CX Serienummer 5367 Eenheid 12 / NJG 1 Messerschmitt Bf-110 G4 Abbenes 1992 JAAR LOKATIE
Alleen de kleppendeksels zijn verdwenen en de propellers zijn niet meer aanwezig. Een stuk dieper onder de plek waar de motor was aangetroffen bevindt een van de hoofdlandingsgestellen zich. Met veel moeite weet de kraanmachinist dit deel in zijn geheel uit de diepe kleigrond te halen. Het complete landingsgestel inclusief band ziet het daglicht. De velgen zijn vergaan. Diverse delen van de romp worden aangetroffen waaronder een inspectieluikje. Tevens worden delen aangetroffen van het zo beruchte Liechtensteinradar. Na enig graafwerk blijkt dit onderdeel geheel gecomplementeerd te worden. Op een diepte van ongeveer drie meter wordt de andere motor aangetroffen. Eveneens van zeer goede kwaliteit maar zonder propellerbladen en kleppendeksel.  Een van de kielvlakken van de nachtjager wordt even laten geborgen. Op dit onderdeel zit nog de originele verf en duidelijk is  het Duitse hakenkruis te onderscheiden. Dit deel wordt zo snel mogelijk geconserveerd om te voorkomen dat de verflaag na  contact met zuurstof afbladdert. Een andere bijzondere vondst is een verbandtrommel. Deze bevat een hoop kleine zaken zoals een schaar, tangen, zaagje, morfinespuitjes en een verband mitella waarop instructies staan. Tevens wordt een tas aangetroffen met daarin landkaarten, navigatiemiddelen zoals linialen en een soort logboekje. Om circa half een 's middags wordt het graafwerk afgerond en keren de ARG-medewerkers weer huiswaarts.              Foto’s: Stichting ARG 1940-1945